Inputronde Arbeid zomer 2012

Via een brede inventarisatie is midden 2012 aan ondernemers in de tuinbouw gevraagd om input voor de nieuwe programma’s van het PT, ook op het gebied van arbeid. Zeer veel reacties van ondernemers in de inputronde hadden te maken met de kosten van arbeid, (te hoog, mede vanwege dure verzekeringen), de regelgeving (te complex, belemmerend voor rendabele bedrijfsvoering, ongelijk Europees speelveld) en de behoefte aan flexibiliteit. Suggesties voor oplossingen waren: loonkostenverlaging (o.m. geen ww-premie voor gelegenheidswerkers / seizoensarbeiders), CAO’s zonder poespas, een goedkope arbeidsongeschiktheidsverzekering, versoepeling van het ontslagrecht, snelle legalisering van werk door buitenlandse arbeidskrachten (“Uitkeringen is de grootste concurrent van seizoensbedrijven op de arbeidsmarkt.”), geen vaste arbeidsverplichtingen als werkgever, het meer inzetten van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (ouderen, gehandicapten), en het zoveel mogelijk automatiseren/robotiseren van de teelt.
Dat laatste zien respondenten tegelijk als een manier voor de tuinbouw om zijn aantrekkelijkheid als werkgever te vergroten: high tech trekt jongeren, het werk wordt minder zwaar en vies en zo kun je ook oudere werknemers langer in dienst houden. “De vergrijzing en de beschikbaarheid van medewerkers zal door automatisering opgevangen moeten worden. Dit biedt tevens de kans op leuker werk.”

Uit andere reacties spreekt het besef, dat bedrijven werknemers ook perspectief moeten bieden. “De tuinbouwsector is en blijft ook op de lange termijn een belangrijke sector voor de Nederlandse economie en werkgelegenheid. Om een goede kwaliteit te kunnen blijven garanderen zijn goed opgeleide medewerkers nodig.” Over de aansluiting beroepsonderwijs-bedrijfsleven worden opvallend genoeg nauwelijks opmerkingen gemaakt. Doorgroeimogelijkheden binnen de bedrijven moeten wel worden gestimuleerd door het aanbieden of ondersteunen van (gratis!) scholing. Naar buiten toe moet de tuinbouwsector zich beter profileren met uitdagende beroepen, vooral onder jongeren. In veel reacties wordt er nadrukkelijk op gewezen dat tuinbouwsectoren hier een gemeenschappelijk belang hebben. “Alle sectoren zitten om goed personeel te springen. Alle neuzen een kant op dan slaagt het vast.”